Warmer Warmer Warmer Warmer ← Terug naar het spel
Het warm en koud spel: zo speel je het, ook met woorden

Spelregels

Het warm en koud spel: zo speel je het, ook met woorden

Iemand verstopt iets, jij zoekt, en de rest roept: “Koud… lauw… warm… heet!” Hier vind je de regels van warm en koud stap voor stap, een paar beproefde tips, en een versie waarin niet de afstandsbediening verstopt is, maar een woord.

5 min. lezen

Speel het woord van de dag

Wat je nodig hebt

Bijna niets, en dat is precies het mooie van warm en koud. Dit is alles:

  • iets kleins om te verstoppen: een sleutelbos, een knuffel, een reep chocola,
  • een kamer of een tuin met een paar goede verstopplekken,
  • minstens twee mensen: één die verstopt en één die zoekt.

Geen bord, geen dobbelstenen, geen batterijen. Daarom speelt bijna elk kind het, en daarom begin je er op je zeventigste nog net zo makkelijk aan.

De regels van warm en koud in vijf stappen

  1. Verstoppen. De zoeker gaat even de gang op of doet de ogen dicht. Iemand anders verstopt het voorwerp: achter een kussen, in een laars, op de vensterbank.
  2. Zoeken. De zoeker komt binnen en begint rond te lopen. Er is geen tijdslimiet, en niemand wijst iets aan.
  3. De temperatuur roepen. De verstopper zegt alleen hoe dichtbij de zoeker is. Ver weg is het “koud” of zelfs “ijskoud”. Komt de zoeker dichterbij, dan wordt het “lauw” en daarna “warm”.
  4. Je brandt je! Vlak bij het voorwerp is het “heet”. En als de hand er bijna op ligt, roept iedereen: “Gloeiend heet, je brandt je!”
  5. Wisselen. Gevonden? Dan mag de zoeker zelf iets verstoppen, en is een ander aan de beurt om te zoeken.

Eén regel is heilig: de verstopper zegt nooit wáár het ligt. Alleen of de laatste stap de goede kant op was. Daar zit het hele spel in.

Tips voor thuis en op een kinderfeestje

Kleintjes en groten door elkaar. Voor een kind van drie verstop je de knuffel laag en half zichtbaar. Voor een kind van tien mag hij boven op de boekenkast liggen. Zo heeft iedereen een eerlijke kans in hetzelfde spel.

Eén stem. Bij jonge kinderen werkt het het best als één volwassene de temperatuur roept. Vijf kinderen die tegelijk “koud!” en “heet!” roepen, maken er een gezellige maar onmogelijke zoektocht van.

Klappen in plaats van roepen. Hoe harder iedereen klapt, hoe dichterbij. Handig voor de allerkleinsten, die de woorden nog door elkaar halen, en leuk voor de afwisseling.

Een prijsje erbij. Op een kinderfeestje verstop je een snoepje of een klein cadeautje. Laat elk kind een keer zoeken, zodat niemand met lege handen naar huis gaat.

Waarom het zo goed werkt

“Warmer” verraadt niet waar het ligt. Het zegt alleen dat je op de goede weg bent. De route bedenk je zelf, met kleine overwinningen en kleine tegenvallers. En als het dan ineens “heet, heet, heet!” wordt, komt dat kriebelende gevoel dat je als volwassene nog precies herkent.

Warm en koud met woorden

Hetzelfde spel werkt ook zonder kamer en zonder voorwerp. Dan verstop je een woord. Je noemt zomaar een woord en krijgt een temperatuur terug: hoe dicht jouw woord bij het geheime woord ligt. En dan gaat het om de betekenis, niet om de letters.

Stel dat het geheime woord fietsbel is, heel Nederlands. Een potje zou zo kunnen gaan (de graden zijn een voorbeeld):

  1. wolk3 °Cijskoud: niets wat op de weg rijdt
  2. straat31 °Ckoel: we zijn in elk geval buiten
  3. stuur63 °Cwarm: daar heb je je handen al
  4. fiets79 °Cheet: het hoort bij de fiets
  5. toeter88 °Cgloeiend heet: ook iets waarmee je laat horen dat je eraan komt
  6. fietsbelGevonden!

Kijk naar toeter. Dat woord lijkt in niets op fietsbel, en toch is het bijna raak: allebei maken ze geluid om iemand te waarschuwen. Je zoekt dus net als vroeger, alleen loop je niet door de kamer, maar door de taal.

Zo werkt Warmer Warmer: elke dag één geheim woord, voor iedereen hetzelfde, en om middernacht komt er een nieuw. Je speelt gratis in de browser van je telefoon of computer, zonder app en zonder account.

Waar zou jij beginnen met zoeken?

Je woord gaat meteen naar het spel van vandaag.

De temperaturen van het spel

Elke poging krijgt een getal van 0 tot 100 en een naam die je meteen voelt:

  • IJskoud onder de 8: hier ben je ver weg,
  • Koud vanaf 8,
  • Koel vanaf 20,
  • Lauw vanaf 35: er is iets, ga verder in die richting,
  • Warm vanaf 50,
  • Heet vanaf 65,
  • Gloeiend heet vanaf 85: je bent er bijna,
  • Gevonden! bij 100: dat is het geheime woord.

Wat elk van die woorden betekent, en waarom “heet” in het Nederlands een dubbele bodem heeft, lees je in Koud, lauw, warm, heet.

En als je vastzit?

Soms blijft alles koel, hoe je ook zoekt. Daarvoor is de knop “Ik heb hulp nodig”. Die geeft je geen woord cadeau, maar laat zien wie je kan helpen: de Facebookgroep Warmer Warmer Nederlands, waar spelers elkaar elke dag op weg helpen, of familie of vrienden, naar wie je het spel kunt sturen. Zij zoeken dan hetzelfde woord, ieder op eigen houtje.

Wil je liever zelf sneller heet worden? De zeven beste tips staan in Het geheime woord raden.

Hardop, zonder scherm

De woordversie kan ook gewoon aan tafel of in de auto. Iemand bedenkt een woord en houdt het voor zich. De anderen noemen om de beurt een woord, en de bedenker antwoordt alleen met “koud”, “lauw”, “warm” of “heet”. Wie het raadt, mag het volgende woord bedenken.

Zo is het oude zoekspel weer helemaal rond: van de huiskamer naar de woorden, en terug naar de keukentafel. Nog zes manieren om warm en koud te spelen zonder iets te kopen, vind je bij Spelletjes zonder materiaal.

Meer om te lezen